De Omgevingswet gaat met betrekking tot ruimtelijke initiatieven uit van ‘ja, mits’, waarbij het college meer bevoegdheden krijgt in de uitvoering. Voor vergunningplichtige activiteiten geldt in veel gevallen een snellere besluitvormingsprocedure met verruimde reikwijdte. Daarbij maakt de Omgevingswet het mogelijk afwegingsruimte te creëren in de vergunningfase en onderzoekslasten zoveel mogelijk daar naartoe door te schuiven. De vergunningtoetser krijgt tijdens de snellere besluitvormingsprocedure te maken met een grotere, inhoudelijke beoordelingsruimte en beleidsinterpretatie. Hiervoor moet vaak expertise van een ander team of afdeling worden ingeroepen, in een zaaksysteem dat moet communiceren met het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Dit vraagt om herijking van de interne werkcultuur en werkprocessen.

Bijgaand schema kunnen gemeenten gebruiken om de interne werkprocessen in het kader van vergunningverlening onder de loep te nemen. De tool belicht:

  • de bedrijfsvoeringsaspecten (backoffice) zoals inrichting van de organisatie en proces, ondersteunt door informatisering;
  • de dienstverlening (frontoffice) zoals klantcontact, serviceverlening en informatievoorziening.

Met deze herijking van de werkcultuur en bijbehorende werkprocessen zetten gemeenten grote stappen in het denken en werken conform de doelen van de Omgevingswet.

Meer weten?
Neem contact op met Jasmijn van Tilburg, E jasmijn.van.tilburg@bro.nl, M 06 150 253 61.